Als AI onze banen super efficient zou maken, wat gaat de mens dan doen?

Wat als Jan Rotmans over dit onderwerp iets zeggen? Dat is wat ik vroeg aan mijn AI. Nou daar wist hij wel raad mee, want Jan Rotmans schrijft al veertig jaar over verandering van tijdperk. Deze hoogleraar aan de Erasmus universiteit laat jaarlijks in een boek zijn Rotterdamse inborst zien. Van een beetje veranderen is nog nooit iemand beter geworden, maar omarm juist de verandering om iets beters op te bouwen. Digitalisering en AI worden zo vaak geframed als een bedreiging voor banen of als kille technologie, maar in zijn visie zijn ze juist de sleutel tot onze heroverde menselijkheid.

De Grote Kanteling: Waarom AI ons de menselijke maat teruggeeft

We leven niet in een tijdperk van verandering, we leven in een verandering van tijdperk. Kijk naar je eigen school: we zitten vast in een overspannen, dysfunctioneel onderwijssysteem dat met lapmiddelen overeind wordt gehouden, puur omdat het is ontworpen voor de logge structuren van de industriële revolutie. We leiden jonge mensen nog altijd op voor een achterhaalde 40-urige werkweek waarin we ‘uren draaien’ verwarren met waarde toevoegen. Maar die oude wereld is aan het sterven, en de nieuwe wereld kondigt zich in een razend tempo aan. De synergie tussen verregaande robotisering en Artificial Intelligence (AI) is geen tijdelijke trend, maar een fundamentele systeemdoorbraak. Beroepen die nu nog onze agenda’s gijzelen, worden straks geautomatiseerd. Onze leerlingen gaan een gedigitaliseerde samenleving tegemoet waarin technologie geen banen vernietigt, maar ons massaal de belangrijkste grondstof van de 21ste eeuw schenkt: Tijd.

Deze gigantische maatschappelijke transitie vraagt niet om een beetje polderen of marginale aanpassingen in de marge; het vraagt om een radicale transformatie van onze rol als docent. Als computers straks de kille data-analyses, de administratie en de planningen overnemen, ontstaat er een existentiële leegte als we niet ingrijpen. Het is onze historische plicht om te voorkomen dat een hele generatie straks passief wegzakt in een digitale schijndood achter schermen. Wij moeten hen nú leren wat zingeving is, en hoe ze die herwonnen tijd kunnen omzetten in maatschappelijke actie. De docent van de toekomst is geen ‘zender’ of ’toetser’ meer, maar een transitiemaker: een gids die jongeren helpt te ontdekken wie ze zijn en hoe ze sturing kunnen geven aan een wereld in chaos.

De werkelijke innovatie in het onderwijs zit de komende jaren dan ook niet in de hardware, maar in de software van onze ziel: sociaal gedrag en maatschappelijke betrokkenheid. We zien de contouren van de nieuwe economie al ontstaan bij koplopers zoals softwarebedrijf AFAS, waar digitalisering direct wordt vertaald in een vierdaagse werkweek zodat medewerkers de maatschappij kunnen versterken bij de voedselbank. Dit is geen incident, dit is de blauwdruk van de netwerksamenleving. We moeten leerlingen opleiden om mét de naaste te leven, in plaats van langs elkaar heen te concurreren. In een gedigitaliseerde wereld worden empathie, solidariteit en gemeenschapszin de harde, cruciale valuta waar de maatschappij om vraagt.

Ik begrijp de diepe vermoeidheid en de scepsis op de werkvloer volkomen. Docenten zijn murw gebeukt door de waan van de dag en de bureaucratische druk van bovenaf. Maar begrijp me goed: deze transitie is niet de volgende belasting op je bord, het is de oplossing voor je burn-out. Diezelfde AI-tools die de wereld transformeren, kunnen de bureaucratische systemen die jou nu verstikken, slopen. Laat algoritmes het nakijkwerk en de administratieve rompslomp overnemen, zodat jij als professional de autonomie terugkrijgt waar je ooit voor hebt gekozen: tijd voor dat échte, diepe, menselijke gesprek met de leerling. Technologie is niet de vijand van de menselijke maat, het is de unieke hefboom om die maat eindelijk weer terug te eisen van de technocraten.

We staan voor een historisch kruispunt. Blijven we dweilen met de kraan open en leiden we kinderen op tot tweederangs robots in een dolgedraaid systeem, of durven we de sprong te wagen? We moeten het onderwijssysteem niet hervormen, we moeten het heruitvinden. Laten we digitalisering omarmen als de grote bevrijder die ons dwingt om weer mens te zijn. Maak van jouw klaslokaal de frontlinie van deze maatschappelijke kanteling. Geef ze de zingeving en de sociale bagage mee om de transitie te leiden, zodat succes niet langer wordt afgemeten aan hoe hard je meedraait in de oude economie, maar aan hoeveel betekenis je geeft aan de nieuwe samenleving. Wij zijn niet de slachtoffers van deze verandering, wij zijn de architecten ervan. Toon moed!

Wat is de impact van autonome AI-agents?

Met de komst van AI-agents zoals OpenClaw is het gebruik van een computersysteem fundamenteel gekanteld: we gaan van “praten tegen AI” naar het bezitten van een AI die voor ons handelt. Alles wat jij kunt met een toetsenbord en een muis, kan een agent nu ook, of het nu gaat om het versturen van e-mails, het beheren van je bankrekening of zelfs het doen van complexe aankopen.

Wat dit zo’n aardverschuiving maakt, is het concept van de “loop”: een agent stopt niet bij een simpel antwoord, maar blijft kijken, vragen en handelen totdat een taak is volbracht. In plaats van dat jij urenlang websites afstruint voor de beste prijs of klachtenbrieven naar de gemeente typt over gaten in de weg, delegeer je simpelweg het doel. De agent, ondersteunt door een LLM, voert autonoom de tientallen tussenstappen uit die nodig zijn om de finishlijn te halen. Je computer verandert hiermee van een passief scherm in een actieve deelnemer die jouw fysieke beperkingen in tijd en administratieve last wegneemt.

Toch is deze nieuwe vrijheid niet zonder scherpe randjes. We ruilen onze directe controle in voor een systeem dat soms als een ongeleid projectiel kan werken; een agent kan zelfs je privacy te grabbel gooien als een vreemde erom vraagt.

De “lethale trifecta” van internettoegang, toegang tot privégegevens en onvertrouwde instructies betekent dat we onze digitale partnerschap met een gezonde dosis argwaan moeten opbouwen.

De drie componenten zijn:

  • 1. Toegang tot vertrouwelijke gegevens (Access to Secrets): De AI heeft toegang tot gevoelige informatie zoals API-sleutels, wachtwoorden, klantgegevens of privédocumenten.

2. Blootstelling aan onbetrouwbare externe inhoud (Untrusted Content): De AI kan gegevens lezen van niet-vertrouwde bronnen, zoals publieke websites, e-mails of gebruikersinput.

3. Mogelijkheid tot externe communicatie (Exfiltration Vectors): De AI kan acties ondernemen buiten de eigen omgeving, zoals e-mails versturen, Slack-berichten plaatsen of HTTP-verzoeken doen

Toekomstige arbeid

Filosofen kijken met een mengeling van fascinatie en vrees naar deze ontwikkeling, waarbij de kernvraag verschuift van intelligentie naar agency (handelingsbekwaamheid). Volgens denkers als Nicholas Lundblad hebben we de evolutie “achterstevoren” aangepakt: in de natuur ontstaat eerst de drang om te handelen en volgt intelligentie later, terwijl we bij AI eerst de intelligentie hebben gebouwd en nu proberen uit te vogelen hoe we het ‘handelingsbekwaamheid’ geven. In de toekomstige arbeid betekent dit dat we AI niet langer als intelligent product zien, maar als een afgevaardigde (delegate) waaraan we onze eigen menselijke vermogens uitbesteden om onze invloed op de wereld te vergroten.

Dit roept een prikkelende filosofische paradox op: wat gebeurt er met de maatschappij als “handelingsbekwaamheid” niet langer schaars is? Onze huidige wereld is gebouwd op de beperking van menselijke tijd en aandacht; we staan in de rij voor concerttickets omdat we niet op tien plekken tegelijk kunnen zijn. Als iedereen echter 10, 100 of 1000 keer meer kan “willen” door legioenen agents in te zetten, breekt het systeem van schaarste. Op de werkvloer kan dit leiden tot een overvloed aan actie, waarbij de grens tussen menselijke intentie en machinale uitvoering vervaagt, en waarbij overheden met “oneindige agency” elke wet tot op de kilometer nauwkeurig kunnen handhaven—een scenario dat volgens filosofen vervaarlijk dicht tegen een dictatuur aanschuurt.

Uiteindelijk dwingt de opkomst van agents ons om de hiërarchie tussen mens en machine opnieuw te definiëren via juridische metaforen: is een AI-agent een kind, een werknemer of een huisdier? Terwijl we door een periode van chaos gaan waarin organisaties overspoeld worden door digitale gedelegeerden, is de hoop gevestigd op een nieuw ecologisch evenwicht waarin agents andere agents reguleren.

De menselijke rol in toekomstige arbeid wordt wellicht niet het uitvoeren van taken, maar het managen van een digitale ecologie, waarbij we moeten accepteren dat onze “robotbreinen” soms menselijke lichamen in de echte wereld zullen inhuren om de klus te klaren.

Lessen DG – ‘Online Masters’

Home | Online Masters

Online experts

Online Masters geeft toegang tot kennis van online experts, onze masters. Zij hebben actief bijgedragen aan de lesontwikkeling. Hun kennis en kunde laat leerlingen bewuster, vaardiger en veiliger online gaan.

Direct aan de slag

Je kunt onze online lessen direct gebruiken. Elke les is voorzien van een handleiding. Er is geen specifieke kennis nodig om de lessen te geven.

Lees verder “Lessen DG – ‘Online Masters’”

Waarom staan we ’s ochtends eigenlijk op?

Over de onderwijsfuik en de moed om het anders te doen.

Elke ochtend als de wekker gaat, is er voor een leerkracht of docent maar één echt antwoord op de vraag waarom we opstaan: we willen leerlingen elke dag een stapje verder helpen in hun ontwikkeling. We staan er voor het kind, voor hun groei en voor hun toekomst.

Maar de realiteit van de ‘onderwijsfuik’ maakt dat soms knap lastig, vertelt Claire Boonstra tijdens de opening van de IPON 2026. Claire Boonstra is oprichter van Operation Education en haar doel is transformeren waar het allemaal ontstaat: het onderwijs. Ik volg haar al sinds 2012, de oprichtingsbijeenkomst in Beeld en Geluid. En ik was daarbij in een zaal met dwarsdenkers, friskijkers en kantelaars. Onderwijsmensen die tegen de manco’s van het onderwijssysteem aan lopen. Misschien lijkt Operation Education een Don Quichot-beweging, maar eigenlijk werkt van binnenuit. Veranderen kan wel!

Huidige systeem als sorteermachine

Claire Boonstra vervolgt haar verhaal op de IPON. In ons huidige systeem zijn we vastgelopen in een hardnekkig frame: ‘hoger’ is beter. We hebben een ‘sorteermachine’ gecreëerd die kinderen al op 11- of 12-jarige leeftijd indeelt in hokjes. Maar onze samenleving heeft niet alleen theoretische denkers nodig. We schreeuwen om praktische mensen met sterke softskills, oplossingsgericht vermogen en creativiteit. Vaardigheden die naadloos aansluiten bij de kerndoelen voor Digitale Geletterdheid, maar die in de huidige toetscultuur vaak buiten de boot vallen.

De beperking van de meetbaarheid

De huidige doorstroomtoets focust vrijwel uitsluitend op rekenen, taal en spelling. Daarmee laten we wereldoriëntatie, creëren en spelen en waardevolle talentontwikkeling liggen. Als we kijken naar de theorie van Gert Biesta, zien we dat onderwijs over veel meer gaat dan alleen ‘Kwalificatie’. Waar is de ruimte voor Socialisatie en Subjectificatie? Voor het vormen van een eigen persoonlijkheid en het leren over de wereld?

Ruimte voor verwondering

Het meest pijnlijke gevolg van dit keurslijf? De natuurlijke nieuwsgierigheid van leerlingen wordt vaak simpelweg afgeleerd. Kennis is de onmisbare kapstok, maar de manier waarop we die aanbieden moet veranderen. Creativiteit ontwikkelt zich namelijk niet door vinkjes te zetten op een dashboard, maar door:

 * Verwondering

 * Uitproberen en ‘prutsen’

 * Echt durven ‘aanklooien’

 * En ja, zelfs momenten van verveling.

Juist in die ongestructureerde ruimte ontstaat de innovatie die we nodig hebben in een onvoorspelbare toekomst.

Wij zijn het systeem

Claire Boonstra zegt het treffend: “Wij zijn het systeem”. De verandering begint bij ons, op de werkvloer. Het vraagt moed om vast te houden aan je morele kompas en de ‘waarom-vraag’ centraal te blijven stellen. Want uiteindelijk is dát waarom we elke ochtend opstaan: niet voor de inspectie of het dashboard, maar voor die ene leerling die vandaag weer een stapje mag groeien.

Hoe behoud jij de ruimte voor verwondering in jouw klas of organisatie?